“De manier waarop banken geld creŽren is zo simpel dat je er met je verstand niet bij kan.”

J. K. Galbraith

Nieuwsbrieven

Nieuwsbrief 20 maart 2016 - 20 maart 2016

Laatste munten Doina Kraal

Give MeZoals bekend zijn de munten van Doina Kraal onderdeel van het Touche-à-Tout project en vormen ze de weerslag van haar wereldreis met een uitbundig reiskabinet. De laatste twee munten van haar serie zijn nu ook geslagen.

De derde munt is getiteld 'GIVE ME'. Samen met mensen die zij tijdens haar reis ontmoette, heeft Kraal nieuwe werken voor haar kabinet gemaakt. Alle mensen die op deze wijze een bijdrage hebben geleverd aan het kunstwerk, zijn vereeuwigd in een munt. Kraal heeft hen namelijk gevraagd om haar iets kleins te geven wat zij op dat moment op zak hadden, iets wat voor hen persoonlijke waarde had maar waarvan zij toch afstand konden doen. Alle voorwerpen zijn na terugkomst gefotografeerd en de totale collectie is verwerkt in deze munt. Met een loupe zijn de individuele voorwerpen te onderscheiden.

Touch MeDe laatste munt heeft de titel 'TOUCH ME' en dat is ook precies wat de munt laat zien. Tijdens haar rondreis heeft Kraal namelijk altijd een doosje met plasticine ter grootte van een munt bij zich gehad. Indachtig de titel van het project (Touche-à-tout) heeft zij op allerlei plekken omstanders gvraagd hierin een (vinger)afdruk achter te laten. De dode plasticine veranderde zo langzaam in een amorfe vorm waarvan bij terugkomst het stempel voor deze munt is gemaakt.
Zo wordt op deze munt zichtbaar wat bij gewoon geld altijd onzichtbaar blijft: een eindeloze reeks aanrakingen – zowel in letterlijke als figuurlijke zin van het woord.

De munten zijn vanaf vandaag te bestellen bij het online loket. U kunt daar ook de hele serie bestellen en in dat geval krijgt u er gratis een display voor de vier munten bij. Op de website zijn bij Derivaten ook displays in drie verschillende kleuren voor individuele munten te bestellen.

Kamerdebat over Geldschepping

KamerdebatAfgelopen week vond in de Tweede Kamer een bijzonder debat plaats. Zeven jaar na de kredietcrisis ging de politiek zich eindelijk eens buigen over de vraag of de crisis misschien toch ook iets met de inrichting van het hele geldsysteem te maken zou kunnen hebben. Onze politici voerden het debat niet uit eigen beweging, maar waren hiertoe gedwongen door het Burgerinitiatief Ons Geld, dat met ruim 100.000 handtekeningen het onderwerp 'geldschepping' op de parlementaire agenda had weten te krijgen. Een ongekend succes en vanzelfsprekend juichen wij deze discussie alleen maar toe. Zeven jaar geleden is het plan voor de Kunst Reserve Bank immers ontstaan vanuit hetzelfde idee om een breder publiek bij dit soort fundamentele economische thema's te betrekken.

Ons GeldHet debat vond plaats naar aanleiding van het voorstel van Ons Geld om de verantwoordelijkheid voor de geldschepping bij de overheid te leggen – bijvoorbeeld door het instellen van een onafhankelijke 'vierde macht'. Tijdens de eerdere bespreking in de Commissie Financiën was al gebleken dat dit voorstel niet zo klontje-klaar is als de indieners het deden voorkomen. Geldschepping raakt immers aan een aantal fundamentele macro-economische principes. Principes die voortkomen uit scherpe interpretaties van historische ontwikkelingen, maar soms berusten ze op allerlei ongefunderde aannames en vaak zijn het ook gewoon theoretische verzinsels. In weerwil van wat economen ons willen doen geloven, is economie namelijk in essentie geen exacte maar een sociale wetenschap.

Het blijft echter een feit dat in het huidige monetaire systeem vrijwel al het geld door commerciële banken wordt gecreëerd (in de vorm van leningen). Voor de initiatiefnemers zit daar ook de pijn: met het geld dat wij allemaal dagelijks gebruiken, verdienen bankiers geld (middels rente). Daar kan je ethische bezwaren tegen hebben, maar de vraag is of dit ook echt een structureel probleem is. Ligt hier de diepere oorzaak van de crisis of heeft de crash van 2008 meer te maken met verkeerde prikkels waardoor het geld zich te makkelijk in onzinnige leningen ophoopte? Gaat het om geldcreatie of geldallocatie? Is geld louter een neutraal instrument voor handelstransacties of is het per definitie een schuld waaraan risico's verbonden zijn (en waarvoor dus ook rente mag worden gerekend)?

DijsselbloemBoeiende vragen – maar wel van een zeer hoog theoretisch en abstract gehalte. Het is daarom niet verwonderlijk dat het kamerdebat al snel alle kanten op vloog. Op een aantal punten werd het echter juist bijzonder concreet. Zo bleken verrassend veel parlementariërs wel wat te voelen voor het plan om de SNS (momenteel nog in staatshanden) om te vormen tot een depositobank. Ook een wet om nuts- en zakenbanken van elkaar te scheiden leek een aantal kamerleden misschien toch wel een goed idee. Opvallend was de serieuze wijze waarop Dijsselbloem al deze ideeën en vragen beantwoordde. De minister kwam uiteindelijk ook met de meest zinnige suggestie van deze middag – namelijk om de hele kwestie van geldschepping en de stabiliteit van het monetaire systeem eens door de WRR te laten onderzoeken.

Het volledige debat is online te bekijken.

Gratis geld

GratisVerlagen of verhogen we de rente? Dat is van oudsher de keuze waar centrale bankiers voor staan. Maken we het geld goedkoper zodat de prijzen stijgen en er meer ruimte wordt geboden voor economische groei, of moeten we het geld juist duurder maken zodat de prijzen stabiliseren en de economische ontwikkeling wordt afgeremd? Inmiddels begint Mario Draghi zich echter af te vragen of zijn geldinstrumenten überhaupt nog wel invloed hebben op de economische ontwikkeling.

Sinds vorige week is geld immers niet goedkoop, maar geheel gratis. Banken betalen tegenwoordig ook boete voor iedere euro die zij bij de ECB stallen en iedere maand koopt de ECB voor tachtig miljard aan staatsobligaties op. Maar terwijl vanuit Frankfurt het geld de markt wordt opgespoten, blijft de inflatie gevaarlijk dicht de nul naderen en zoeken investeerders wanhopig naar een procentje rendement want de in de boekjes voorspelde economische groei wil maar niet op gang komen.

Sommige economen wijten dit aan het consumentenvertrouwen dat sinds de crisis nog altijd niet is hersteld, anderen aan de lage olieprijs of de afgekoelde Chinese economie. Volgens de initiatiefnemers van Ons Geld zijn het natuurlijk de banken die het gratis geld niet uitlenen aan fabrieken maar wachten tot er straks weer lucratieve 'nieuwe producten' op de financiële markt verschijnen. Volgens de banken zijn het echter de hogere kapitaalbuffers en alle nieuwe regels die het verstrekken van leningen moeilijker hebben gemaakt. Waarschijnlijk heeft iedereen gelijk.

Maar misschien is er nog iets heel anders aan de hand. Hier en daar wordt namelijk gesuggereerd dat de westerse economie een verzadigingspunt heeft bereikt. De beroemde econoom Keynes heeft hier ooit wel eens op gezinspeeld, maar in alle macro-economische theorieën is het idee van verzadiging eigenlijk ondenkbaar: er zijn golfbewegingen met pieken en dalen maar uiteindelijk is er altijd weer groei. Er worden immers altijd weer nieuwe uitvindingen gedaan waarmee nieuwe waarde wordt gecreëerd.

In dit vraaggesprek met Maarten Schinkel wijst Robert Gordon er echter op dat er de afgelopen decennia nauwelijks nog echte technische vernieuwingen zijn geweest.  De laatste was misschien de digitalisering van de dienstverlening. Maar terwijl de schokgolf van die revolutie zich over de wereld verspreidt, wordt de macro-economische impact steeds minder. Vergelijk het met de uitvinding van de stoomtrein die in het begin een geweldige waardevermeerdering in de infrastructuur teweeg brengt. Maar op een gegeven moment zijn de spoorwegen aangelegd, rijden de treinen en is het revolutionaire groei-effect voorbij: de prijs van transport bereikt een verzadigingspunt en wordt steeds meer door externe factoren bepaald. Sinds de uitvinding van de zeecontainer is de prijs van zeetransport bijvoorbeeld nagenoeg stabiel en wordt hij feitelijk door de olieprijs bepaald. Iets vergelijkbaars zou nu met de hele westerse economie aan de hand zijn: zij groeit nauwelijks meer uit zichzelf en het welvaartsniveau wordt steeds afhankelijker van ontwikkelingen elders in de wereld – niet alleen de olieprijs of de Chinese economie, maar ook klimaatverandering, migratie, oorlogen, etc.

Other People's MoneyEr is echter één industrie waarin de afgelopen decennia wel revolutionaire nieuwe producten zijn uitgevonden. Inderdaad: de financiële dienstverlening. Dit is dan ook precies de industrie waarin zich een hele berg geld heeft opgehoopt. Dit is echter een bedrijfstak die de economie enkel faciliteert – het aan elkaar doorgeven van schuldpapier creëert op zichzelf geen enkele waarde. Inmiddels gaat hier drie keer zoveel geld in om als de waarde van de totale wereldeconomie.

Verklaren hoe dat mogelijk is en een heldere analyse van de macro-economische effecten die dat heeft, is inderdaad iets waarover de WRR zich maar eens moet buigen. In hun literatuurlijst kunnen ze dan dit zeer toegankelijk geschreven boekje van John Kay, de columnist van de Financial Times, opnemen: Other People's Money. Een absolute aanrader voor iedereen die wil begrijpen wat er nu precies mis is met ons financieel systeem. Helaas nog niet vertaald.



Comité van aanbeveling

Herman WijffelsProf.dr. H.H.F. Wijffels, voormalig voorzitter van de Rabobank, voorzitter van de SER en Nederlandse bewindvoerder bij de Wereldbank in Washington. Herman Wijffels is momenteel hoogleraar ‘duurzaamheid en maatschappelijke verandering’ aan de Universiteit Utrecht.

Arnold HeertjeProf.dr. A. Heertje, emiritus hoogleraar staathuishoudkunde aan de juridische faculteit van de Universiteit van Amsterdam. Tevens bijzonder hoogleraar in de geschiedenis van de economische wetenschap en lid van de Koninklijke Nederlandse Academie van Wetenschappen.

Rick van der PloegProf.dr. F. van der Ploeg, staatssecretaris voor cultuur en media in het Kabinet-Kok II. Rick van der Ploeg is tegenwoordig hoogleraar economie, University of Oxford en hoogleraar politieke economie, Amsterdam School of Economics, Universiteit van Amsterdam.

Coöperatie Kunst Reserve Bank — Overtoom 256, 1054JA Amsterdam — T. 06 1226 3331 — info@kunstreservebank.nl